Zoemende zomer, zwoele hitte — Elske slingert mee met imker Remko (deel 4)

Illustratie: Alison Bass, tuin 210; foto Hillie de Rooij, tuin 31

Dierenleven: bijen

In deze vierde aflevering slingert Elske met imker Remko pot na pot verse zomerhoning bij elkaar — met kleine assistent Abel die natuurlijk als eerste zijn vinger in de honing steekt. De aanhoudende droogte zet de bijen flink onder druk. Elske zocht uit hoe honingbijen, hommels en wilde bijen de extreme hitte overleven, en wat jij kunt doen om ze in je tuin te helpen.

Augustus 2026 – Tekst door Elske de Kruijter, tuin 204; fotografie door Hillie de Rooij, tuin 31.

Begin juni heeft Remko de honing geoogst van de fruitbomen, de wilgen en het koolzaad. Vlak voordat ik op vakantie ging, was de honing van de lindebloesem aan de beurt. Half tot eind juli is de honingopbrengst op zijn hoogst. 

Donderdag 9 juli bericht Remko: Zondag 12 juli om 09.00 uur aanvang slingeren bij bijenvereniging. Luchtige kleding cq droog shirtje mee, zal heet worden in het hokje. Totaal 6 honingkamers te slingeren.

En zo melden Hillie, haar zoon Abel en ik ons op zondagochtend bij het gebouwtje van de bijenvereniging, met luchtige kleding aan.

Remko heeft de afgelopen week op de bijenvereniging een honing-uitlaat geplaatst, tussen de broedbakken en de honingkamers van de bijenkasten.  De bijen kunnen hierdoor wel uit de honingkamer richting de broedkamer, maar niet meer terug. Dit is een stressvrije manier om de bijen uit de honingbak te krijgen. De honingbakken staan nu klaar in het slingerhok. 

Hij haalt de volle ramen uit de bak, krabt met een soort kam de wasdekseltjes of zegeltjes van de honigraad, en verzamelt ze in een aparte emmer.

De ontzegelde ramen plaatst Remko rechtop in de korf van de honingslinger. Hij draait de slinger om de eerste kant van de ramen leeg te slingeren. Daarna draait hij de ramen om. Door de snelle draaiing vliegt de honing uit de raten tegen de metalen binnenwand en druipt naar de bodem.

De honing stroomt via een kraantje onderin de honingslinger door een zeef in de emmer, om de restjes bijenwas en vuil tegen te houden.

Tussen de honingbakken van eenzelfde bijenvolk maakt Remko de honingslinger schoon om vermenging van batches (een batch is de partij honing van één volk) te voorkomen.

Abel blijkt een heel goede assistent-imker te zijn. Als dank mag hij een vinger in de druipende honing houden. Hij is gek op honing! Heerlijk!

Nadat alle raten uit de honingkamers van de kasten bij de bijenvereniging zijn geslingerd, gaat Remko de oogst van de kasten bij de Bond van Volkstuinders en de bijenstal op deel III van het tuinpark bekijken. Daar zijn nog wel wat volle kamers te vinden. Dus dat wordt weer slingeren de komende dagen. 

Omdat de bakfiets van Remko is gesneuveld, heeft hij een nieuwe gekocht via Marktplaats. Het is een prachtig, vintage en robuust exemplaar. Met de oogst van vandaag is de fiets behoorlijk zwaar geworden: zes emmers honing en een hele volle emmer met zegeltjes. Moeilijk om heuveltjes op te komen, en lastig remmen als je naar beneden gaat.

Zaterdag 25 juli bericht Remko: Honing proeven in de winkel!

Helaas zijn Hillie en ik op vakantie. Ik had heel graag wat lepeltjes honing geproefd. Maar ik heb aan mijn tuinvrienden gevraagd of ze een potje voor ons beiden willen kopen. Heel zorgvuldig hebben ze voor een potje van de bijenstal op deel III gekozen. Dat vind ik leuk,want die staat vlak bij mijn tuinhuis. Smullen maar!

 

De bijen en de warmte

Het is half augustus. Het heeft al weken niet geregend en het is erg warm. Tijdens mijn vakantie zag ik hoe droog het was. Het water in de rivieren stond laag en bomen lieten hun bladeren vallen. Toen ik deze week weer op mijn tuin kwam, was ook daar de droogte zichtbaar. De wilde marjolein en de wilde geraniums, waar normaal veel insecten op af komen, zijn helemaal uitgedroogd. Gelukkig staat de guldenroede in de schaduw nog te bloeien en staan de herfstastertjes klaar om hun bloemetjes te openen. ’s Avonds op het NOS Journaal hoor ik dat de bijen in het oosten van het land het moeilijk hebben. De heide is helemaal uitgedroogd, waardoor de bijen geen nectar meer kunnen vinden om hun wintervoorraad aan te leggen. Ik zoek op hoe honingbijen en wilde bijen zich verhouden tot de droogte en de hitte. Voor honingbijen wordt het te warm boven de vijfendertig graden. Hommels hebben het al eerder moeilijk door hun dikke vacht. Zij stoppen met vliegen als de temperatuur boven de dertig graden komt. Wilde bijen houden zich koest tijdens extreme warmte. Ze vliegen minder en trekken zich terug in hun nesten in de grond, holle plantenstengels, of vermolmd hout. Hierdoor kunnen ze minder voedsel verzamelen. Droogte zorgt ervoor dat bloemen minder nectar en stuifmeel maken. Daarnaast wordt de nectar die er nog wel is stroperig, waardoor de bijen het minder goed kunnen opnemen. Hittegolven hebben ook invloed op de volgende generaties. De bijen leven na een hittegolf duidelijk minder lang. Hierdoor hebben ze minder tijd om nestcellen te bouwen en hun soort veilig te stellen. Door hittestress produceren de mannetjes van de rosse metselbij (die zie je vaak in je insectenhotel) veel minder sperma. Ook bij sociale hommels kan de hitte de zaadcellen, die een koningin na de paring in haar lichaam opslaat, beschadigen.


Wat kun je doen om de wilde bijen en insecten te helpen?

Zorg voor schaduwplekjes in je tuin. Laat gras en hoge, wilde begroeiing staan. Creëer een modderpoeltje door een hoekje aarde nat te houden. Vul schalen met water en steentjes, knikkers of mos, zodat de insecten veilig kunnen drinken. Plant hitte bestendige planten zoals lavendel, ezelsdistel of tijm.


Wat doen honingbijen eigenlijk als het in de kast te warm wordt? Ze gaan er dan minder op uit, maar zijn druk bezig met het verkoelen van de kast. Ook hier werken de bijen weer prachtig en ingenieus samen. Een deel van de bijen gaat als een baard aan de buitenkant hangen om een teveel aan lichaamswarmte te voorkomen. Een deel van de bijen verzamelt zich buiten bij de vliegopening om lucht uit de kast te zuigen door met hun vleugels te wapperen. Aan de binnenkant van de kast staat een groep bijen om de warme lucht naar buiten te wapperen. Ook halen ze water en dragen het in hun honingmaag naar het nest. Ze verspreiden de druppels over de honingraten waar het verdampt. De overgang van water naar waterdamp vergt energie en warmte. Deze wordt opgenomen uit de omgeving waardoor de lucht in de kast afkoelt. 

Ik vraag aan Remko of hij nog iets speciaals doet voor de bijen met deze droogte. “Nee,” zegt hij. “In augustus bloeit hier sowieso weinig meer dat van belang is voor de honingbij. Met deze droogte is dat nog erger. Dus nu ik de voorraad heb geoogst, moet ik de bijen, zoals ieder jaar, bijvoeren met suikerwater. Anders krijgen de bijen honger en is er kans dat ze elkaars honingvoorraad gaan roven.”

Volgende keer: het slotdeel van Elske’s bijenserie.